Coinbase CEO: Bitcoin bereikte Satoshi’s visie niet, maar iets anders wel
Volgens Coinbase-topman Brian Armstrong heeft Bitcoin de oorspronkelijke visie van Satoshi Nakamoto niet waargemaakt. Niet volledig in ieder geval.
Bitcoin werd in 2008 gepresenteerd als digitaal geld. Een systeem waarmee mensen online waarde konden versturen zonder banken, tussenpersonen of traditionele financiële infrastructuur.
Maar volgens Armstrong is Bitcoin uiteindelijk niet uitgegroeid tot een betaalmiddel voor dagelijks gebruik. Bitcoin werd digitaal goud.
Bitcoin als oppotmiddel
In een gesprek met Nikhil Kamath, medeoprichter van Zerodha, zei Armstrong dat Bitcoin wel geslaagd is als store of value, maar niet als medium of exchange. Daarmee raakt hij een gevoelige discussie binnen de cryptowereld.
De oorspronkelijke belofte van Bitcoin draaide om peer-to-peer elektronisch geld. Maar in de praktijk gebruiken de meeste beleggers Bitcoin niet om koffie, boodschappen of salarissen te betalen.
Ze houden Bitcoin vast. Dat komt volgens Armstrong door de aard van het netwerk. De maximale voorraad is beperkt, waardoor beleggers verwachten dat Bitcoin op lange termijn meer waard wordt.
Wie denkt dat een asset in de toekomst stijgt, wil die vandaag niet uitgeven. Daar komt de volatiliteit bovenop. Een munt die op korte termijn hard kan stijgen of dalen, is minder aantrekkelijk als dagelijks betaalmiddel.
Lightning brak niet door
Er zijn pogingen gedaan om Bitcoin beter geschikt te maken voor betalingen. De bekendste daarvan is het Lightning Network. Dat netwerk moest transacties sneller en goedkoper maken, waardoor Bitcoin alsnog bruikbaar zou worden als betaalmiddel.
Maar volgens Armstrong is Lightning nooit echt grootschalig doorgebroken. Daarmee bleef Bitcoin vooral in zijn rol als digitaal goud hangen. Een asset die mensen kopen als bescherming tegen geldontwaarding, centrale banken en financiële repressie.
Niet als digitale euro of digitale dollar voor dagelijks gebruik.
Stablecoins namen de betaalrol over
Volgens Armstrong is er echter wél iets anders opgestaan dat de oorspronkelijke betaalfunctie van crypto veel beter vervult, namelijk stablecoins. Dat zijn digitale tokens die zijn gekoppeld aan traditionele valuta, meestal de Amerikaanse dollar.
Stablecoins zijn minder spannend dan Bitcoin, maar juist daardoor bruikbaarder als geld. Ze zijn stabieler, sneller te verplaatsen en draaien op blockchainnetwerken zonder dat gebruikers blootstaan aan dezelfde koersschommelingen.
Volgens DefiLlama nadert de totale stablecoinmarkt inmiddels 310 miljard dollar. Tether blijft met USDT de grootste speler, gevolgd door Circle met USDC.

Daarmee zijn stablecoins uitgegroeid tot één van de belangrijkste toepassingen van crypto.
Ironie van de cryptorevolutie
Daar zit een interessante ironie in. Bitcoin begon als alternatief voor het banksysteem en fiatgeld. Maar de technologie die nu het meeste lijkt op dagelijks digitaal geld, bestaat vooral uit tokenized dollars.
Stablecoins zijn geen afscheid van de dollar. Ze maken de dollar juist programmeerbaar, wereldwijd verplaatsbaar en makkelijker bruikbaar binnen cryptonetwerken.
Dat is minder revolutionair dan sommige vroege Bitcoiners hoopten, maar economisch misschien veel relevanter.
Geen mislukking
Armstrong ziet dit niet als een mislukking van Bitcoin. Volgens hem heeft Bitcoin simpelweg een andere rol gevonden. Bitcoin hoeft niet alles te zijn.
Het kan digitaal goud zijn, terwijl stablecoins de betaalfunctie overnemen. In dat scenario ontstaat er een duidelijke taakverdeling binnen crypto. Bitcoin is de reserve-asset. Stablecoins zijn het transactiegeld.
Ethereum, Solana en Base leveren de infrastructuur waarop een deel van die stablecoinactiviteit draait.