Zo kijkt de Nederlandse overheid naar crypto

Crypto is in Nederland allang geen niche meer waar de overheid alleen vanaf de zijlijn naar kijkt. De lijn wordt steeds duidelijker: crypto is er! Daardoor moeten aanbieders en dienstverleners aan regels voldoen en worden transacties steeds transparanter voor toezichthouders en de Belastingdienst.

De Nederlandse aanpak draait daardoor minder om het verbieden van crypto en meer om het inpassen ervan in bestaande financiële wetgeving. Al is het volgens het Nederlands Bitcoin Instituut nog wel de vraag of dit consistent gebeurt. 

MiCA moet consumenten beter beschermen

Sinds eind 2024 geldt in Europa MiCA, de eerste brede Europese wetgeving voor crypto. Het doel is volgens de Rijksoverheid om de markt veiliger en duidelijker te maken. De zo geheten cryptodienstverleners moeten bijvoorbeeld duidelijk uitleggen welke risico’s klanten lopen, is misleidende reclame niet toegestaan en moeten bedrijven  voldoen aan eisen rond bestuur, bedrijfsvoering en financiële reserves.

Wie in Nederland professionele cryptodiensten aanbiedt, heeft in principe een Europese MiCA-vergunning nodig. Belangrijk om te begrijpen is dat zo’n vergunning niet betekent dat de overheid bitcoin, Ether of een andere munt aanbeveelt. De AFM benadrukt juist dat crypto sterk in waarde kan schommelen en dat beleggers hun inleg kunnen verliezen.

AFM en DNB kijken naar verschillende risico’s in de markt

Het toezicht in Nederland is verdeeld over hoofdzakelijk twee partijen: De AFM en De Nederlansche Bank. De AFM houdt vooral toezicht op cryptodienstverleners, consumentenbescherming en eerlijk marktgedrag. Daarbij wordt gekeken naar communicatie, eerlijke informatieverstrekking richting klanten en de manier waarop bedrijven hun diensten aanbieden.

DNB houdt zich onder meer bezig met prudentieel toezicht en is ook de toezichthouder en vergunningverlener voor elektronische geldinstellingen (voor stablecoins) in Nederland. Stablecoins proberen hun waarde bijvoorbeeld te koppelen aan de euro of dollar. Omdat gebruikers verwachten dat zo’n munt stabiel blijft, gelden er extra regels voor de reserves waarmee die waarde wordt ondersteund. Dat laat goed zien hoe de overheid crypto benadert: niet iedere munt of dienst brengt hetzelfde risico met zich mee, dus ook het toezicht verschilt.

Transacties worden steeds beter traceerbaar

Ook de anonimiteit rond cryptotransacties neemt af. Via de Europese TFR moeten cryptobedrijven informatie verzamelen over de verzender en ontvanger van bepaalde transacties. Het principe lijkt op de informatie die banken al langer moeten verzamelen bij geldtransfers. Het doel daarvan is om witwassen, terrorismefinanciering en andere illegale geldstromen moeilijker te maken.

Belastingdienst heeft meer inzicht

Sinds 1 januari 2026 geldt daarnaast DAC8. Cryptodienstverleners moeten gegevens over klanten en transacties verzamelen en vanaf 2027 jaarlijks rapporteren aan de Belastingdienst. Voor jou als gebruiker verandert daarmee niet ineens hoe crypto wordt belast. Crypto hoorde al bij het vermogen dat je in box 3 moet aangeven.

Wat wél verandert, is dat belastingdiensten binnen Europa veel beter gegevens kunnen uitwisselen. Daardoor wordt het lastiger om cryptobezit buiten beeld te houden. De Nederlandse overheid behandelt crypto daarmee steeds meer als onderdeel van het gewone financiële systeem. Niet zonder risico’s, maar ook niet als iets dat buiten de bestaande regels staat.

Mis nooit meer wat in crypto

Maak BLOX nieuws je crypto voorkeursbron in Google

Voeg BLOX toe aan Google

Raoul is Content Specialist bij BLOX en oprichter van Cryptotakkies, een organisatie die crypto-onderwijs maakt en de ontwikkelingen van digitaal geld op een toegankelijke en begrijpelijke manier bespreekt.